bel redactie 053 - 432 75 27

Column Jan Visser 4 augustus 2017

Gepubliceerd op: 04/08/2017

Column Jan Visser 4 augustus 2017

Hekkie
 
Veertien dagen geleden was ik ook in deze studio van TV Enschede FM. Na de opname liep ik naar het parkeerterrein aan de overkant van de Roombeekweg. Rond het terrein ligt een strook openbaar groen met een stang op zo’n 30, 40 cm hoogte, die moet voorkomen dat automobilisten het grasveldje oversteken en zo de weg opscheuren.

Om mijzelf te bewijzen dat ik nog jong ben, sprong ik  met een aanloopje over het hekkie. Een tel later lag ik languit op het asfalt van het parkeerterrein. Raar gedrag vertoon je dan; vlug om je heen kijken en zien of anderen het gezien hebben en dan snel naar de auto.
 
Ik heb nu een bovenarm als een abstract schilderij in de tinten grijs, zwart, rood en wit, Zeezicht 1 heb ik het genoemd, maar ik hoop niet dat er meer bijkomen. De pijn wordt gelukkig minder, er is niets gebroken en de schade blijft waarschijnlijk beperkt tot twee gescheurde pezen.
 
Maar er is een Jan Visser op reserve. In de eerste klas van mijn middelbare school – de Christelijke mulo in Grootegast - zaten vier Jannen, waaronder twee Jan Vissers. We waren neven van elkaar en beiden vernoemd naar dezelfde Jan Visser, voor mij was hij ome Jan en voor hem opa Jan. Natuurlijk maakten we misbruik van deze situatie, bijvoorbeeld door alle vier te reageren als iemand “Jan” riep, of je met opzet stil te houden. “Bedoelde u mij? O, dat wist ik niet.” 
 
De leraren werden er strontziek van. Vooral de leraar Frans Van Dijk was het spelletje zat. Hij greep ons bij de kladden, zette ons in een leeg lokaal, deed de deur op slot en zei ons alleen vrij te laten, als we met vier verschillende namen uit het lokaal kwamen. Nou, dat was het probleem niet en vanaf die dag heette ik op de mulo “John”. Ik besef nu dat dit een dieptepunt in mijn leven is geweest en zal het ook nooit meer noemen, maar toen vond ik het wel aardig.
 
Afgelopen maandag liep ik de andere Jan Visser tegen het lijf. Het was bij de begrafenis van een schoonzus van Margriet en mij, de echtgenote van mijn broer, een zeer aangrijpende aangelegenheid.
Deze Jan Visser had destijds de boerderij van zijn vader overgenomen en nu staat zijn zoon klaar om de boerderij van hem over te nemen.
 
Hun boerderij staat in Lucaswolde, een polderweg met enkele boerderijen, tussen Boerakker en Marum, het gebied waar IJe Wijkstra stroopte. Ruig land toen, ruige mensen. Het geweer waarmee IJe 100 jaar geleden vier agenten doodschoot, schijnt in mijn geboortedorp Lutjegast gekocht te zijn. Nog een stap verder en ik stam af van de een of andere struikrover.
 
Wat ik eigenlijk wil zeggen is dit:”Geniet van het leven. In één tel kan het voorbij zijn. Eén hekkie en je breekt je nekkie.“
 
Jan Visser

‹ Terug naar radiocolumns enschede fm overzicht